Naar de inhoud

AI begint bij de verandering, niet bij de tool

De meeste AI-gesprekken beginnen bij de vraag welke tool je moet kiezen. Dit framework draait het om. Eerst wat je wilt veranderen, dan wat dat vraagt, en pas daarna kopen of bouwen.

Barend Emmerzaal

Head of AI

4 min leestijd

Framework in drie kolommen. Wat wil je veranderen: Improve (individueel werk verbeteren), Change (een bedrijfsproces veranderen) of Differentiate (je propositie versterken). Wat vraagt dat typisch: consumer tools en assistenten, specifieke agents tussen systemen, of een AI-core product of dienst.

De meeste AI-gesprekken die ik met organisaties voer, beginnen bij de verkeerde vraag: welke tool moeten we kiezen? Copilot of ChatGPT? Een agentplatform? Een eigen model? Zonde. Want dan bepaalt de technologie je koers, in plaats van je ambitie.

Daarom heb ik een framework ontwikkeld dat het gesprek omdraait. Eerst de vraag wat je eigenlijk wilt veranderen. Dan wat dat typisch van je vraagt. En pas daarna komt de discussie over kopen of bouwen.

Twee vragen, drie kolommen

Het framework stelt twee vragen. Bovenin: wat wil je veranderen? Onderin: wat vraagt dat typisch? Op die eerste vraag zijn er drie antwoorden, van links naar rechts steeds ingrijpender:

  • Improve: individueel werk verbeteren
  • Change: een bedrijfsproces veranderen
  • Differentiate: je propositie versterken

Elke kolom heeft zijn eigen soort oplossing. Hoe verder naar rechts, hoe groter de impact. Maar ook hoe meer je moet regelen aan data, integraties, governance en eigenaarschap. Geen kolom is beter dan de andere. Het gaat erom dat je weet in welke kolom je staat.

Improve: beter werk met tools en assistenten

Wil je dat medewerkers hun taken sneller of op een hoger niveau afronden? Dan heb je het over consumer tools en assistenten. Denk aan ChatGPT, Copilot of Claude. Het patroon is simpel: iemand stelt een vraag, de tool geeft antwoord. De mens houdt het werk en blijft eigenaar van het resultaat.

Dit is de laagste drempel en vaak een prima startpunt. Je hoeft geen processen te herontwerpen of systemen aan elkaar te knopen. Wat je wel nodig hebt: heldere afspraken over gebruik en data, training en ruimte om te experimenteren.

De keerzijde? De winst blijft individueel. Sneller een mail of samenvatting schrijven is fijn, maar het verandert je organisatie niet.

Change: processen waar systemen het werk doen

Wil je een proces echt anders inrichten? Dan haal je de mens uit de uitvoering en laat je systemen met elkaar samenwerken. Daarvoor heb je specifieke agents tussen systemen nodig. Vaste stappen, vaste regels, één menselijk checkpoint. Elke keer hetzelfde pad.

Dat laatste is bewust. Bij agents denken veel mensen aan autonome digitale collega's die zelf bedenken wat ze doen. Maar bij procesautomatisering wil je juist voorspelbaarheid. Een agent die facturen verwerkt, aanvragen beoordeelt of klantvragen routeert, moet morgen precies hetzelfde doen als vandaag. Het taalmodel brengt flexibiliteit in het begrijpen van rommelige input. De structuur eromheen zorgt voor betrouwbaarheid.

Hier ligt voor de meeste organisaties nu de grootste winst. Het vraagt wel meer dan een licentie: procesanalyse, integraties, testen en een duidelijke eigenaar.

Differentiate: AI als kern van je propositie

De derde kolom gaat niet over efficiëntie, maar over onderscheidend vermogen. Je wilt klanten een dienst, product of ervaring bieden die ze waarderen en die zonder AI niet zou bestaan. Dat vraagt om een AI-core product of dienst: nieuwe businessmodellen, producten of diensten die sterk leunen op AI of autonome agents.

Hier verandert niet hoe je werkt, maar wat je verkoopt. Denk aan een verzekeraar die advies volledig op maat maakt, of een kennisorganisatie die haar expertise dag en nacht beschikbaar stelt. Dit is het spannendste niveau, en het riskantste. Je hebt productdenken nodig, stevige governance en de durf om te investeren voordat het rendement zeker is.

De valkuil: kolommen door elkaar halen

AI-trajecten lopen zelden vast op de technologie. Ze lopen vast omdat ambitie en middel niet bij elkaar passen. Drie patronen zie ik keer op keer:

  • Een assistent uitrollen en procesverandering verwachten. Iedereen krijgt Copilot, maar het proces blijft precies hetzelfde. Logisch, want een assistent maakt individuen sneller, geen ketens.
  • Een autonome agent bouwen voor een proces met vaste stappen. Je haalt onvoorspelbaarheid binnen waar je juist betrouwbaarheid nodig hebt.
  • Willen differentiëren zonder te weten wat de klant waardeert. Dan bouw je een AI-product op zoek naar een probleem.

Het framework helpt je die mismatch vroeg te zien. Kies eerst je kolom, dan pas je oplossing. En het mag best alle drie tegelijk, zolang je per initiatief weet in welke kolom het hoort.

En dan pas: kopen of bouwen?

Pas als je weet wat je wilt veranderen en wat dat vraagt, heeft de buy-or-build-discussie zin. Een assistent voor individueel werk koop je meestal gewoon. Een AI-product waarmee je je onderscheidt, wil je juist in eigen hand houden. Daartussen zit een groot grijs gebied, en daar gaat mijn volgende blog over.

Tot die tijd één advies: begin niet bij de tool. Begin bij de verandering.

Meer blogs

Alle blogs

Benieuwd wat AI voor jouw organisatie kan doen?

We denken graag mee over waar AI-agents het meeste opleveren, van eerste idee tot werkende oplossing.